©Uitlokkers van clusterhoofdpijn

Uitlokkers van clusterhoofdpijn
  • Alcohol: de meerderheid (85 %) van de patiënten volgt dan ook een alcoholvrij dieet na hun diagnose van CH.
  • Actief roken: In de meeste studies wordt aangenomen dat actief roken als trigger beschouwd kan worden voor CH, dit is nog ter discussie. Nicotine en andere toxische stoffen die aanwezig zijn in tabak, hebben een direct effect op de pathofysiologie van een CH patiënt. Enerzijds kunnen deze componenten namelijk rechtstreeks interageren met hypothalamus om zo CH te veroorzaken. Roken kan ook een impact hebben op de pijn modulatie. Met andere woorden roken houdt verband met het hypocretinesysteem. Anderzijds is het mogelijk dat roken de activatie van de trigeminale autonome reflex triggert ter hoogte van de hersenstam zodat de typische craniale autonome symptomen worden geïnduceerd. Sommige data beweren ook dat nicotine een trigger kan zijn in de evolutie van de episodische naar de chronische vorm van CH.
  • Hoofdtrauma: Ook een hoofdtrauma (TBI) blijkt uit de studies een risicofactor te zijn om CH te krijgen. Patiënten die lijden aan een TBI zullen vaker in riskante omgevingen moeten handelen. In de studies wordt stress ook aangewezen als een bijdragende factor. Studies tonen aan dat het aantal personen met een voltijdse job significant groter is in de populatie van CH patiënten dan in de populatie niet-patiënten. Stress als trigger van CH is tot nog toe niet bewezen.
  • Slaaptekort: Bij de meerderheid van de patiënten (72%) zijn de aanvallen gerelateerd aan de nachtelijke slaap. CH patiënten proberen overdag vaak slaap in te halen. Deze dutjes kunnen echter ook een trigger zijn van CH. Het slaaptekort wordt in dit geval niet opgevangen. Zo komt de patiënt in een vicieuze cirkel terecht.
  • Parfum en verf: Patiënten geven zelf nog een groot aantal andere zaken op als triggers voor CH. Sommige patiënten geven vluchtige organische componenten zoals parfum en verf op als trigger voor een CH aanval.
  • Nitraten: kunnen mogelijk ook aanvallen van CH induceren.
  • Glyceryltrinitraat: Experimenteel wordt glyceryltrinitraat gebruikt om een aanval uit te lokken. Viagragenoemd, wordt ook opgegeven als mogelijke trigger van CH. In 28% van de gevallen worden geuren (geen specifiek type) opgegeven als trigger.
  • Fel licht, flitsende lichten: televisie kijken hebben respectievelijk een percentage van 23%, 17% en 12%.

Wil je meer weten over de uitlokkers van clusterhoofdpijn?

Contacteer ons